dinsdag 16 september 2014

Oh, Luna..

Kort verhaal - Met mijn maag vol woede stampte ik de trap op. Alles deed pijn: mijn rechteroor, mijn wang, mijn voeten en zelfs mijn keel. Ik stormde furieus mijn kamer binnen, gooide de deur dicht en deed hem op slot. Mijn lange, rossige haar dat bijna tot mijn billen kwam, stak ik op in een wilde knot. Het was muffig en donker op mijn kamer dus ik gooide het raam wagenwijd open. De afgekoelde zomerlucht kalmeerde me enorm.
Saideira ✌ | via Tumblr

Ik snoof de heldere lucht binnen en sloot mijn ogen. Ik voelde mijn oor en wang dreigend kloppen alsof ze schreeuwden om koelte. Mijn voet stak en mijn keel voelde kurkdroog. De maan kwam achter de wolken uit en toen ik mijn ogen opende om te zien hoe de zilveren lichtstralen van de maan mijn armen en middel kusten, zag ik dat het volle maan was. Ik zuchtte en ging in het raamkozijn zitten met mijn gewonde voet uit het raam bungelend, zodat er een straaltje bloed naar beneden stroomde, mijn teen bereikte en er langzaam een dieprode druppel bloed vanaf druppelde.

Ik dacht aan hoe dronken we vannacht waren, of liever gezegd vanmorgen. Ik wist niet meer wat ik deed. Vage beelden sijpelden af en toe vaag door. Ik in een tattoo shop, ik in een pierce shop, ik rennend door de schemerende straten om zo snel mogelijk naar huis te gaan met de gedachte dat mijn vader het misschien vergeten zou zijn dat hij het streng verboden had om ook maar één voet binnen te zetten bij zo'n shop. Twee verboden dingen op een avond en terwijl ik hijgend door de straten rende had ik vurig gehoopt dat hij het misschien niet eens gemerkt had dat ik de hele dag was weg geweest. Of dat hij het deze keer eens door de vingers zou zien. Maar niets was minder waar.
Untitled
Toen hij me hijgend binnen had horen komen, kon hij zichzelf al niet meer beheersen. Zijn gezicht liep rood aan en zijn ogen puilden uit zijn hoofd van woede toen hij mijn bebloede voet zag en het glinsterende steentje in mijn oorschelp. Een ader in zijn slaap klopte dreigend en hij perste zijn lippen op elkaar toen hij mijn haar ruw opzij trok zodat hij mijn oor beter kon zien. En dat gebeurde. Ik durfde hem niet aan te kijken, maar in mijn ooghoek zag ik dat zijn gezicht zo mogelijk nog roder werd. Ik wilde nog snel wegduiken, maar het was al te laat: zijn vlakke hand ketste met zo'n kracht tegen mijn wang dat ik op het stoffige tapijt in de gang viel. Ik werd onaangenaam verrast door de krachtige vingers die zich krachtig boven mijn pas gezette piercing aan mijn oor omhoog trokken. Ik deed mijn ogen open en keek in het gezicht van mijn dronken vader. 'Jij stuk vuil! Je bent alleen maar schorem! Schorem dat zich de hele tijd alleen maar klem zuipt voor zo'n lolletje.'

'Die vrienden van je zijn niks waard, minder dan jij. Zomaar doen wat ik je verboden heb, wie denk jij wel niet dat je bent!' Beng! Voor de tweede keer kwam zij hand vliegensvlug dichtbij en raakte mijn wang. Hij leek op een losgebarsten zwijn als hij zo deed. Z'n rooie rotkop met het kleine plukje haar dat hij nog had en het gekrijs wat uit zijn mond kwam, gemengd met een walm van alcohol. Ik voelde de angst wegebben en plaats maken voor woede; ik zette een stap achteruit zodat hij me niet nog een keer kon raken met zijn vieze, ruwe handen. De man die tegenover me stond, ik weiger hem papa te noemen, hief zijn armen op om me alweer een klap te verkopen, maar zijn hand miste me op een haar na en dat maakte hem nog woedender. Niet uit zijn woorden komend van kwaadheid en met zijn rooie kop en uitpuilende ogen, wees hij met een strakke vinger naar de trap. Terwijl ik de trap op stormde hoorde ik hem voldaan mompelen.
(6) Me gusta | Tumblr
Zo is het dus gegaan. Ik stapte van de vensterbank af en deed het raam en de gordijnen dicht, want het was al bijna twaalf uur. Terwijl ik in bed ging liggen en mijn ogen sloot, bedacht ik me waarom ik niet zo wilde zijn. Waarom ik eigenlijk mijn ware gedaante niet wilde zijn, wou accepteren. Makkelijk: daar ben ik namelijk bang voor. Niet voor wat ik was, maar voor het feit dát ik het was.

Piekerend opende ik mijn ogen en staarde naar het plafond. Maar aan de andere kant.. Ik wilde hier niet langer blijven, en ook al was hij mijn vader, zo voelde het niet. Ik wilde mijn echte familie leren kennen. Ik wilde naar huis. Ja, dat was wat ik diep in mijn hart echt wilde.

Vastbesloten stond ik op en liep ik naar het raam, en schoof de gordijnen open. Het raam was zorgvuldig afgedekt met zwart papier, zodat de zilveren stralen van de maan niet binnen konden dringen. Na een moment van twijfeling opende ik langzaam het raam en stapte naar achter. De stralen van het maanlicht streelden en kusten mijn armen, mijn gezicht, mijn middel, mijn benen en stopten op de grond. Alles om me heen leek te groeien. Mijn bed, mijn nachtkastje, mijn bureau, de muren en zelfs de maan. Alles groeide en groeide, mijn armen werden vleugels, mijn benen werden pootjes en ik voelde een snaveltje op de plaats waar eerst mijn mond en neus waren. Nog geen seconde later zat op precies dezelfde plaats waar ik een moment geleden had gestaan, een zwaluw. Een kleine, prachtige zwaluw met rossige veertjes en felblauwe kraaloogjes. Ik spreidde mijn vleugels en vloog de warme, met maan verlichtte, lentenacht in. Alles leek perfect nu. En dat was het ook. Ik vloog steeds hoger en genoot van mijn vrijheid. Dit was hoe het hoorde: mijn definitie van perfect.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen

Opmerking: alleen leden van deze blog kunnen een reactie plaatsen.